Het dorp Buitenpost ligt in noord Nederland, in de noord-oosthoek van de provincie Frysl‚n. Ruwweg is het centraal gelegen tussen de belangrijke provinciehoofdplaatsen Leeuwarden en Groningen en de belangrijke kernen Dokkum en Drachten. Het is ťťn van de oorspronkelijke acht 'kerspelen' (kerkdorpen) die de naamgever van de grietenij, later gemeente, Achtkarspelen waren. Sinds het midden van de 19e eeuw is het daarvan de hoofdplaats en is het gemeentehuis er gevestigd. Het dorp heeft een belangrijke voorzieningenfunctie waaronder de aanwezigheid van een station, verschillende scholen voor lager en voortgezet onderwijs en bestuursvoorzieningen.

De oorsprong van het dorp ligt aan de de huidige zuidkant van het dorp. Rond de 12 eeuw stroomde daar nog de zeearm de ¬lde Ried. Het bedijkingswerk van de monniken uit het nabijgelegen Gerkesklooster leidde tot de aanleg van een brug over het water. Daar ontstond Lutjepost (fries: Lytsepost - betek.: kleine brug). In de loop der tijd ontstond noordelijk daarvan een tweede kern die de naam Buitenpost (fries: BŻtenpost - betek.: buiten de brug) kreeg. Lytsepost werd in 1948 'opgeslokt' door het voortdurend groeiende Buitenpost. Van origine is Buitenpost een agrarisch wegdorp maar door haar ligging kreeg het door de eeuwen heen een ander karakter. Buitenpost ligt halverwege Groningen en Leeuwarden en die ligging is van groot belang geweest voor de ontwikkeling van dit (grens)dorp. In de 17e eeuw werd het een pleisterplaats voor postwagens die onderweg waren tussen beide provinciehoofdsteden. De komst van de spoorlijn en rijksweg in de 19e eeuw hebben verder bijgedragen aan haar ontwikkeling als verkeersknooppunt. Sinds 1866 heeft het een spoorverbinding met eigen station. Verdubbeling van de spoorlijn heeft in de laatste decennia tot een intensivering van het treinverkeer geleid. Het heeft zich daardoor als karakteristiek forensendorp steeds meer kunnen ontwikkelen.

Ondanks de invloed van Oostergo en inspanningen van het oude bisdom Groningen om de grensregio in te lijven, is Buitenpost toch een Fries dorp gebleven. De voertaal is w‚ldfrysk, in tegenstelling tot verder oostelijk gelegen buurdorpen. In vroegere tijden heeft Buitenpost nogal wat te lijden gehad van de strijd tussen de Friezen en de Groningers. Langzamerhand vestigden zich er leden van voorname Friese families. Dit leidde tot een groeiende bestuurlijke functie en een bovengemiddeld aantal andere 'voorname' inwoners. Rouwborden in de gotische Nederlandse Hervormde Kerk herinneren ondermeer daaraan.

kaart van noord Nederland

Buitenpost is na 1955 snel gegroeid in inwonertal. Zo was het aantal inwoners in 1955: 2689, in 1965: 3123, in 1975: 4049, in 1990: 5498 en in 2000: 5639. Het dorp begint de gevolgen van de vergrijzing van haar inwoners te merken. Overigens was de bevolkingsgroei al langer aan het afvlakken. Industrie is voornamelijk te vinden op industrieterrein De Swadde aan de noordzijde van het dorp. Als zogenoemd 'onderwijsdorp' kent het een relatief groot aantal scholen waarvan het 'groen' opleidingscentrum Nordwin-college en de scholengemeenschap Lauwers-College een duidelijke regiofunctie hebben. In het dorp zijn nog meer publieke voorzieningen. Voorbeelden zijn de openbare bibliotheek aan de Kerkstraat, zwembad 'de KŻpe' en sporthal 'de Houtmoune' aan de Vaart, sportpark 'De Swadde', streekmuziekschool 'De W‚ldsang', zorgcentrum Haersmahiem en het centrum voor sociaal-cultureel werk It Koartling. Toeristisch krijgt het steeds meer betekenis door de vele fiets- en wandelpaden, maar vooral ook de aanwezigheid van botanische museumtuin 'De Kruidhof' en het daarop aanwezige IJstijdenmuseum. Het goede voorzieningenniveau en de gunstige ligging dragen er toe bij dat het er nog steeds goed toeven is.