Roel Roosma

foto van roel roosma bij de uitreiking van de Drees penning in 2011 Als oud-oom Feike een paar borreltjes op had, was hij bijna niet meer te verstaan. Maar niettemin begreep de toen veertienjarige Roel Roosma de strekking van zijn woorden. ‘Om’ Feike predikte het socialisme. Het was 1938 en om Feike en diens zoon Klaas de Vries, steenhouwers te Buitenpost, hadden een grote invloed op het denken van Roosma. Die is nu 87 jaar oud, scherp van geest en zijn idealen en principes van vroeger trouw. Morgen is het 1 mei, de dag van de arbeid. Daarom zit ik nu tegenover hem.

Aan de muur hangen portretten van zijn ouders, zijn grootouders. Van zijn overleden vrouw en van om Feike en om Klaas. Roel Roosma kwam bij hen te werken, als administrateur van de steenhouwerij. Omdat om Klaas natuurlijk in het verzet zat, zat Roel er ook in. Hij deed de administratie, hij haalde geld op om kost- en inwoning van onderduikers te betalen. Af en toe dook hij onder. Hij zag en hoorde het verraad. Maar zelf ontsprong hij de dans, keer op keer. Hij maakte met om Klaas in het laatste half jaar van de oorlog plannen voor later. Ze dachten dat de saamhorigheid waartoe de oorlog dwong, zou doorgaan in vredestijd. Vooral om Klaas had hoge verwachtingen. "Wy geane op nei in moaie, nije maatskippij", zei om Klaas. Maar toen de oorlog voorbij was, toen de gemeenschappelijke vijand was verdwenen, viel alles weer uiteen. In 1954 overleed Klaas de Vries, nog maar 53 jaar oud. Roel Roosma denkt dat door de desillusie, door de enorme teleurstelling, het hart van om Klaas het vroegtijdig heeft begeven.

Roosma volgde hem op als directeur van de steenhouwerij. Het bedrijf had op zijn meest 28 medewerkers, maar Roosma bleef wie hij was: socialist in hart en nieren. Zes jaar zat hij voor de PvdA in de gemeenteraad van Achtkarspelen. Maar liever spreekt hij over de 28 jaar, waarvan 25 jaar als voorzitter, die hij in het bestuur van de woningstichting zat. Daarin kon hij veel beter zijn idealen kwijt dan in de raad. Een werkgever kan een socialist zijn, zegt Roosma en hij vertelt van om Klaas die zijn medewerkers een week vakantie gaf toen dat nog niet gewoon was. Die hen een dertiende maand uitkeerde, die mee betaalde aan hun pensioen. En zelf? "Al myn wurknimmers wennen yn in eigen hűs", zegt Roosma.

Nog is hij strijdbaar, nog zegt hij wat hij vindt. Z’n kinderen manen hem wel eens tot wat voorzichtigheid. "Ik sis wat ik sizze wol", zegt Roosma. Zijn zoon Jaring, ook PvdA’er , zat in de gemeenteraad. Diens dochter Femke, Roels kleindochter, zit voor GroenLinks in de Amsterdamse gemeenteraad. Hij is tevreden. We nemen afscheid en staan nog even voor een opgehangen tegeltje. Roosma kreeg het van Sicko Heldoorn, destijds PvdA-gedeputeerde. Er staat een vuist op, een vuist die een bosje rozen vasthoudt, verpakt in papier met daarop de pompeblęden. De tekst erop: "Hjoed of moarn is’t safier". Roel Roosma heeft zijn kinderen al laten weten dat ze tekst en afbeelding straks op zijn grafsteen moeten zetten. "En de wanden fan myn gręfkelder moatte se beklaaie mei reade tegeltjes".
(bron: Leeuwarder Courant, 30 april 2011, Bonne Stienstra

In november 1981 kreeg Roosma van burgemeester van Veenen de eremedaille in goud verbonden aan de orde van Oranje Nassau uitgereikt en in mei 2011 de Drees-penning van de PvdA voor al zijn verdiensten (foto boven).